Belastingvrij schenken in 2017

Schenken bij leven is, zeker als dit geleidelijk gebeurt, vaak fiscaal voordeliger dan vererven bij overlijden. Door jaarlijks bijvoorbeeld een bedrag te schenken aan uw kinderen, wordt uw vermogen kleiner en hoeven zij straks minder erfbelasting te betalen. Maakt u optimaal gebruik van de vrijstellingen dan hoeft in ieder geval geen schenkbelasting te worden betaald. De vrijstellingen voor de schenkbelasting zijn voor 2017 als volgt:

 

Kinderen

€ 5.320

Kinderen 18-40 jaar (eenmalig)

€ 25.526

of

 

Kinderen 18-40 (eenmalig) indien schenking wordt aangewend voor een dure studie

€ 53.176

Verkrijgers 18-40 jaar (eenmalig) indien schenking wordt aangewend voor de eigen woning

€ 100.000

Overige verkrijgers

€ 2.129

Tip: De eenmalige schenkingsvrijstelling voor de eigen woning is verhoogd naar € 100.000. De beperking dat de schenking moet zijn gedaan van een ouder aan een kind is komen te vervallen, maar de begunstigde moet nog wel tussen de 18 en 40 jaar oud zijn. Onder voorwaarden kan deze vrijstelling van € 100.000 gespreid over drie opeenvolgende jaren worden benut. Uiteraard moet het geschonken bedrag worden gebruikt voor de eigen woning.

The post Belastingvrij schenken in 2017 appeared first on Schagen Lensen & van Krieken accountants.

Geen bijtelling bestelauto achter het hek

Heeft uw werknemer geen kilometerregistratie voor zijn bestelauto? Beschikt hij ook niet over een verklaring geen privégebruik auto of een verklaring uitsluitend zakelijk gebruik bestelauto? Dan kan de bijtelling toch achterwege blijven als de auto buiten werktijd niet gebruikt kan worden. De Hoge Raad heeft dit onlangs nog eens bevestigd.

Een bijtelling kan niet zonder meer achterwege blijven. Voor bestelauto’s die buiten werktijd niet gebruikt kunnen worden, is in de wet echter opgenomen dat geen bijtelling hoeft te worden toegepast.

Voorbeeld

Een voorbeeld van een bestelauto die buiten werktijd niet gebruikt kan worden, is de bestelauto die elke dag na het werk op het parkeerterrein van de werkgever wordt geparkeerd (ofwel achter het hek van de werkgever gaat). De Belastingdienst heeft namelijk in oude uitingen al aangegeven dat door stalling op het parkeerterrein bij het bedrijfspand in principe geen privégebruik buiten werktijd mogelijk is. De Belastingdienst achtte het daarbij wel essentieel dat de werkgever controleert of de auto inderdaad op het parkeerterrein wordt geparkeerd, bijvoorbeeld door controle van de achtergelaten sleutels.

Let op! Een dergelijke wettelijke regeling bestaat niet voor personenauto’s. U kunt zich dus voor personenauto’s niet zonder meer op deze regeling beroepen. Overleg daarom met de Belastingdienst of het buiten werktijd parkeren van personenauto’s op het parkeerterrein bij het bedrijfspand in uw specifieke geval voldoende is om geen bijtelling toe te passen.

Hoge Raad

Bij de Hoge Raad stond onlangs de bijtelling van bestelauto’s ter discussie. Omdat het gerechtshof in de zaak niet had beoordeeld of de bestelauto’s na werktijd niet konden worden gebruikt, heeft de Hoge Raad het gerechtshof de opdracht gegeven dit alsnog te onderzoeken.

The post Geen bijtelling bestelauto achter het hek appeared first on Schagen Lensen & van Krieken accountants.

Nieuwe minimumloonregels per 1 juli 2017!

Op dinsdag 24 januari 2017 heeft de Eerste Kamer ingestemd met een herziening van het minimumloon. De herziening bestaat uit drie onderdelen.

1. Verlaging en verhoging

De leeftijd waarop iemand recht heeft op het wettelijk volwassenminimumloon gaat in twee stappen omlaag van 23 jaar naar 21 jaar. Per 1 juli 2017 gaat de leeftijd omlaag van 23 jaar naar 22 jaar. Tegelijkertijd gaat het minimumloon voor jongeren van 18 tot en met 21 jaar (minimumjeugdloon) in stappen omhoog. Concreet betekent dit dat uw werknemers van 18 tot en met 22 jaar per 1 juli aanstaande een hoger wettelijk minimumloon ontvangen.

Let op! Op de gebruikelijke halfjaarlijkse verhoging na, wijzigt het minimumloon voor werknemers in de leeftijdscategorie 15 tot en met 17 jaar niet.

Compensatieregeling

Door de stapsgewijze verhoging van het wettelijk minimumloon voor de leeftijd van 18 tot en met 21 jaar, krijgen werkgevers te maken met hogere loonkosten. Met een compensatieregeling kunnen werkgevers rekenen op een tegemoetkoming. Deze tegemoetkoming wordt uitgedrukt in een vast bedrag per verloond uur en is afhankelijk van de leeftijd van de werknemer op 31 december van het voorafgaande jaar en het gemiddelde uurloon in het kalenderjaar. De compensatie wordt na afloop van een kalenderjaar automatisch vastgesteld en uitbetaald aan werkgevers die daar recht op hebben.

Let op! De compensatieregeling treedt in werking op 1 januari 2018. Omdat de verhoging van het minimumjeugdloon al ingaat per 1 juli 2017, wordt de compensatie voor het jaar 2018 vermenigvuldigd met 1,5.

2. Minimumloon bij stukloon

Ook de regels voor het betalen van stukloon worden per 1 juli 2017 aangepast. De huidige norm waarbij de tijd die redelijkerwijs met de verrichte arbeid gemoeid is als arbeidsduur voor het minimumloon wordt aangemerkt, komt te vervallen. Bepalend wordt de werkelijke tijd die een werknemer heeft besteed aan de uitvoering van de verrichte arbeid. Betalen op basis van stukloon blijft mogelijk, maar u moet wel minimaal het wettelijk minimumloon per daadwerkelijk gewerkt uur betalen.

Let op! Bepaalde bedrijfstakken kunnen voor specifieke werkzaamheden worden uitgezonderd van de nieuwe regels. Voor de uitbetaling van stukloon zal dan niet de werkelijk bestede tijd bepalend zijn, maar, net als nu, de tijd die redelijkerwijs met de verrichte arbeid is gemoeid.

3. Minimumloon bij meerwerk

Tot slot worden ook de regels voor het betalen van meerwerk per 1 juli 2017 aangepast. Verricht uw werknemer langer arbeid dan de normale arbeidsduur, dan wordt het minimumloon naar evenredigheid verhoogd.

Let op! Voor de nieuwe regels bij meerwerk wordt de normale arbeidsduur gemaximeerd op 40 uur per week. Verdient uw werknemer het wettelijk minimumloon en geldt in uw bedrijf een 36- of 38-urige werkweek, dan bent u per 1 juli mogelijk meer kwijt als deze werknemer overwerkt.

Het blijft ook met de nieuwe regels voor meerwerk onder voorwaarden mogelijk om het meerwerk niet uit te betalen maar te compenseren door betaalde vrije tijd. Deze mogelijkheid moet dan wel zijn opgenomen in de cao.

The post Nieuwe minimumloonregels per 1 juli 2017! appeared first on Schagen Lensen & van Krieken accountants.

Wat wijzigt in Arbowet?

De Arbowet wijzigt. Werkgevers en werknemers worden meer betrokken bij de arbodienstverlening, de preventie binnen de onderneming en de randvoorwaarden voor het handelen van de bedrijfsarts. De verwachting is dat de wijzigingen per 1 juli 2017 van kracht worden.

De Eerste Kamer is onlangs met de wijzigingen in de Arbowet akkoord gegaan. De wijzigingen hebben onder meer betrekking op de bedrijfsarts. Zo krijgt iedere werknemer vanaf 1 juli 2017 directe toegang tot een open spreekuur bij de bedrijfsarts. Iedere werknemer krijgt ook recht op een second opinion van een andere bedrijfsarts op kosten van de werkgever. De bedrijfsarts krijgt bovendien het recht om elke werkplek te bezoeken en zijn adviesrol wordt verduidelijkt.

Meer rechten OR

Daarnaast krijgt de ondernemingsraad (OR) meer rechten. Voor de keuze voor de preventiemedewerker en zijn plek in de organisatie heeft de OR vanaf 1 juli 2017 een instemmingsrecht. Bovendien krijgt de bedrijfsarts ruimte voor overleg met de OR en krijgen alle arbo-kerndeskundigen het recht met de OR te overleggen.

Let op! Vanaf 1 juli 2017 moeten de afspraken over de arbodienstverlening ook worden vastgelegd in een basiscontract arbodienstverlening. Ook krijgt de Inspectie SZW ruimere sanctiemogelijkheden.

The post Wat wijzigt in Arbowet? appeared first on Schagen Lensen & van Krieken accountants.

Welke werkkleding is onbelast voor de WKR?

Nihilwaardering

U hoeft werkkleding niet af te rekenen als voor deze kleding een ‘nihilwaardering’ geldt. Voorwaarde daarbij is tevens dat deze kleding door u ter beschikking wordt gesteld. Dit betekent dat de kleding uw eigendom blijft. De nihilwaardering geldt voor:

  • Werkkleding die uitsluitend of nagenoeg uitsluitend geschikt is om tijdens het werk te dragen, of
  • Werkkleding die voorzien is van één of meer logo’s met een oppervlakte van samen minimaal 70 cm2, of
  • Werkkleding die achterblijft op de werkplek.

Let op! De werkkleding die achterblijft op de werkplek mag ook niet af en toe mee naar huis, bijvoorbeeld om te wassen. U moet zelf daarom zorgdragen voor de reiniging van deze kleding. Voor deze reinigingskosten geldt dan wel weer een nihilwaardering.

Verstrekte kleding en kledingvergoeding

Geeft u een kledingvergoeding of verstrekt u werkkleding (dat wil zeggen dat de kleding na verstrekking niet langer uw eigendom is)? Dan geldt geen nihilwaardering, ook niet als u voldoet aan één van de hiervoor genoemde voorwaarden. U kunt deze vergoeding of verstrekking wel als eindheffingsbestanddeel aanwijzen in de vrije ruimte. Er volgt dan alleen een eindheffing van 80% als deze tezamen met alle overige aanwijzingen hoger is dan 1,2% van uw totale fiscale loonsom.

Tip: Werkschoenen kunt u onder voorwaarden wel onbelast vergoeden of verstrekken. Deze zijn namelijk gericht vrijgesteld als ze kunnen worden aangemerkt als een arbovoorziening. Neem voor de exacte voorwaarden contact op met onze adviseurs.

The post Welke werkkleding is onbelast voor de WKR? appeared first on Schagen Lensen & van Krieken accountants.

Reken uiterlijk eind februari de WKR 2016 af

Het jaar 2016 is voorbij en 2017 is al weer vol aan de gang. Bij de aangifte loonheffingen januari 2017 moet u echter nog even terugkijken naar 2016 en voor de WKR de balans opmaken. Heeft u uw vrije ruimte overschreden, dan moet u afrekenen met de Belastingdienst.

Afrekening 2016 bij de aangifte januari 2017

Bij overschrijding van de vrije ruimte, 1,2% van de totale fiscale loonsom, vindt een eindheffing plaats van 80%. Deze eindheffing moet worden afgedragen bij de aangifte januari 2017, welke uiterlijk eind februari 2017 moet worden ingediend en afgedragen.

Let op! Eindigt uw inhoudingsplicht in 2017? Dan mag u voor de eindafrekening niet wachten tot de aangifte januari 2018. U moet dan afrekenen voor de WKR in de aangifte over het tijdvak waarin de inhoudingsplicht is geëindigd.

WKR-administratie op orde

Om de afrekening te kunnen doen moet duidelijk zijn welke vergoedingen, verstrekkingen en ter beschikkingstellingen zijn aangewezen als eindheffingsbestanddeel. Zorg daarom dat uw administratie op orde is en dat de eindheffingsbestanddelen zijn aangewezen. Hoe u dit doet is vormvrij. Dit kan in uw financiële administratie maar ook bijvoorbeeld in een apart excelbestand.

The post Reken uiterlijk eind februari de WKR 2016 af appeared first on Schagen Lensen & van Krieken accountants.

Wanneer wordt pensioen in eigen beheer nu afgeschaft?

Nadat eind december de afschaffing van het pensioen in eigen beheer werd uitgesteld, staat deze nu weer op de rails. De indexatiekwestie die aanleiding was voor dit uitstel, is opgelost. Als alles parlementair meezit is, per 1 april aanstaande de afschaffing alsnog een feit. U heeft vanaf die datum dan nog drie maanden de tijd, dus tot 1 juli, om met uw pensioenopbouw te stoppen.

Even was er onzekerheid over de vraag of (toekomstige) indexeringslasten van de in eigen beheer opgebouwde pensioenaanspraken bij afkoop van het pensioen in eigen beheer of bij omzetting in een oudedagsverplichting, direct ten laste van de fiscale winst kunnen worden gebracht. Die onzekerheid is nu weggenomen. Indexeringskosten en lasten zijn alleen aftrekbaar als deze op de fiscale balans zijn geactiveerd.

Let op! Een dergelijke actiefpost doet zich vrijwel alleen voor bij extern pensioen in eigen beheer. De pensioenverplichting van de dga is dan ondergebracht in een aparte bv.

Er is nu aangegeven hoe bij afkoop of bij omzetting van het pensioen in eigen beheer moet worden omgegaan met deze op de fiscale balans geactiveerde kosten en lasten voor de toekomstige indexatie. Wordt het pensioen in eigen beheer fiscaal gefaciliteerd afgekocht, dan mogen deze indexatiekosten en lasten op het moment van afkoop in één keer worden afgetrokken van de winst. Wordt het pensioen in eigen beheer omgezet in een oudedagsverplichting, dan mogen de geactiveerde indexatiekosten en lasten in gelijke jaarlijkse delen in aftrek worden gebracht.

Let op! Aftrek (in één keer bij afkoop en in termijnen bij omzetting) is alleen mogelijk als er in de aangifte vennootschapsbelasting van vóór 20 september 2016 een actiefpost is opgenomen voor toekomstige indexatie.

Voortgang

Nu er duidelijkheid is over de fiscale behandeling van (toekomstige) indexeringslasten, staat de afschaffing van het pensioen in eigen beheer weer op de rails. De Tweede Kamer is nu eerst aan zet. Na een schriftelijke behandeling volgt op dinsdag 7 februari de plenaire behandeling en zal er worden gestemd op donderdag 9 februari. Stemming in de Eerste Kamer is voorzien uiterlijk 7 maart aanstaande. Als alles meezit, is de afschaffing van het pensioen in eigen beheer alsnog een feit per 1 april 2017.

The post Wanneer wordt pensioen in eigen beheer nu afgeschaft? appeared first on Schagen Lensen & van Krieken accountants.

Brexit, transport en btw

Dagelijks rijden er ruim 500 Nederlandse vrachtwagens naar het Verenigd Koninkrijk. Door de aankomende Brexit is een onzekere periode aangebroken met een daling van de vraag naar Nederlandse exportproducten als gevolg. Bovendien zijn Nederlandse producten duurder geworden door de waardedaling van het Britse pond. Een terugval in de export zal het wegvervoer raken, maar vooralsnog is dat beperkt.

Huidige situatie

Op dit moment is het Verenigd Koninkrijk nog een EU-land, waar de EU-wet en regelgeving van toepassing is. Wanneer u voor een Britse ondernemer een logistieke dienst verzorgt, is deze volgens de hoofregel belast in het land van de afnemer. De transportdienst is daardoor belast in het Verenigd Koninkrijk, en de btw kan worden verlegd naar de afnemer met btw-identificatienummer in het Verenigd Koninkrijk. U vermeldt de woorden ‘reversed charge’ op de factuur en vermeldt geen btw op de factuur. Daarnaast doet de Britse ondernemer de opgaaf intracommunautaire prestaties.

Let op! Door de uitvoering van het Brexit zal het Verenigd Koninkrijk niet meer tot de EU behoren. De gevolgen voor het verrichten van transport- en logistiekdiensten zullen dan veranderen.

Situatie na Brexit

Na de Brexit is geen sprake meer van een dienst die wordt verricht aan een afnemer binnen de EU. De dienst is volgens de hoofdregel belast in het Verenigd Koninkrijk; het land van de afnemer. De ondernemer noteert wederom geen btw op de factuur maar wél de woorden ‘VAT Out of Scope’.

Afhankelijk van de wetgeving in het Verenigd Koninkrijk moet u zich in het Verenigd Koninkrijk registreren voor de btw en ook in dat land btw-aangifte doen over de logistieke dienst. Waarschijnlijk worden met betrekking tot de uittredingsverdragen nog regels opgesteld.

Let op! Voor de transport- en logistieksector is van belang alert te zijn op de wijziging van de btw-regels die er aan zit te komen.

Houd de berichten in de gaten inzake Brexit. Wij houden u op de hoogte.

The post Brexit, transport en btw appeared first on Schagen Lensen & van Krieken accountants.

Meerdere bv’s? Mogelijk geen of minder eindheffing WKR

Voor eind februari 2017 moet u de eindheffing van de WKR hebben berekend en betaald. Heeft u meerdere bv’s, dan kan het zo zijn dat u in de ene bv vrije ruimte te kort heeft, terwijl u in de andere bv ruimte over heeft. Met de concernregeling kunt u dan onder voorwaarden een collectieve vrije ruimte creëren en zo belasting besparen. Uiterlijk bij het indienen van de aangifte loonheffingen januari 2017 moet u kiezen of u de concernregeling toepast of niet.

De eindheffing van de werkkostenregeling wordt per werkgever berekend. Bestaat uw onderneming uit meerdere bv’s, dan mag u deze eindheffing ook op bedrijfsniveau berekenen als u de concernregeling toepast.

Voorwaarden

U kunt de concernregeling toepassen voor uw bv’s als tijdens het hele kalenderjaar:

  • De ene bv een belang van minimaal 95% heeft in de andere bv, of
  • De andere bv een belang heeft van minimaal 95% heeft in de ene bv, of
  • Een ander een belang van minimaal 95% heeft in de ene bv terwijl deze ander ook een belang heeft van minimaal 95% in de andere bv.

Tip: De concernregeling wordt toegepast door bv’s die inhoudingsplichtig zijn voor de loonheffingen. Het is echter ook mogelijk om bijvoorbeeld een tussenholding zonder werknemers in de concernregeling te betrekken zolang er maar sprake is van een (middellijk) belang van minimaal 95%. Een holding met een 100% belang in een tussenholding zonder personeel kan dus gewoon de concernregeling toepassen met de 100% dochters van de tussenholding.

Belang

Bij een belang van minimaal 95% gaat het om een belang in het aandelenkapitaal. Daarnaast kunnen stichtingen ook de concernregeling toepassen als zij financieel, organisatorisch en economisch zo verweven zijn dat zij een eenheid vormen.

Alles of niets

Als gekozen wordt voor de concernregeling geldt deze voor alle bv’s die het gehele kalenderjaar hebben voldaan aan de eigendomseis van minimaal 95%. Het is dus niet mogelijk om bepaalde bv’s uit te sluiten.

Gevolgen

Door de concernregeling ontstaat een collectieve ruimte van alle tot het concern behorende bv’s (werkgevers). De bv met de grootste totale fiscale loonsom geeft de eindheffing als gevolg van de overschrijding van de gezamenlijke vrije ruimte aan en draagt deze af.

Let op! Alle tot het concern behorende inhoudingsplichtigen zijn wel aansprakelijk voor de verschuldigde eindheffing, ook al draagt maar één bv de eindheffing af. Daarnaast zijn alle bv’s  verplicht om in hun administratie een aantal vastleggingen te doen zoals de totale fiscale loonsom, een overzicht van de eindheffingsbestanddelen, gegevens van de andere inhoudingsplichtigen en de gezamenlijk verschuldigde belasting.

The post Meerdere bv’s? Mogelijk geen of minder eindheffing WKR appeared first on Schagen Lensen & van Krieken accountants.