Uw personeel werkt regelmatig thuis. Wat mag u onbelast vergoeden?

Werkkamer

Voor een werkkamer kunt u geen onbelaste vergoeding geven. Wilt u de belasting toch niet voor rekening van uw werknemer laten komen, dan kunt u de vergoeding wel onderbrengen in de werkkostenregeling.

Zelfstandige werkruimte?

Zaken die uw werknemer in de werkruimte gebruikt zoals een bureau, zijn alleen belastingvrij als de werkruimte zelfstandig is. Dit wil zeggen dat uw werknemer deze ruimte zonder problemen aan een derde zou kunnen verhuren. De werkruimte moet dan een eigen ingang hebben en eigen sanitair. Ook moet u met de werknemer een zakelijke huurovereenkomst met betrekking tot deze werkkamer hebben afgesloten. Vereist is ook dat de werknemer in de werkruimte werkt.

Let op! Wordt aan al deze eisen voldaan, dan kunt u de inrichting belastingvrij ter beschikking stellen. De inrichting moet wel uw eigendom blijven en de werknemer moet een en ander teruggeven als hij het niet meer gebruikt. Verder kunt u ook de energie inzake de werkkamer belastingvrij vergoeden.

Tip: Bij een niet zelfstandige werkruimte kunt u wel de werkkostenregeling toepassen om belastingheffing bij de werknemer te voorkomen.

Noodzakelijke PC, gsm en gereedschap

Een voor het werk noodzakelijke PC, gsm, gereedschap en dergelijke apparatuur mag u ook belastingvrij vergoeden, verstrekken of ter beschikking stellen. Dit geldt ook als een en ander niet noodzakelijk is, maar wel voor minstens 90% zakelijk gebruikt wordt. Gebruikt de werknemer de spullen niet meer, dan moet hij ze aan u teruggeven of u de restwaarde betalen.

Let op! U moet desgevraagd aannemelijk kunnen maken dat de apparatuur noodzakelijk is voor het werk. De werknemer moet desgevraagd aannemelijk kunnen maken dat hij de apparatuur minstens 90% zakelijk gebruikt.

Arbo-voorzieningen

Voorzieningen op grond van uw verplichtingen volgens de Arbowet zijn ook onbelast als de werkkamer voldoet aan de Arbo-eisen. De werknemer moet de voorzieningen in de werkruimte gebruiken en u hiervoor geen vergoeding betalen.

Werkt uw personeel regelmatig vanuit huis en heeft u vragen over de mogelijke vergoedingen, dan adviseren wij u graag hierbij.

The post Uw personeel werkt regelmatig thuis. Wat mag u onbelast vergoeden? appeared first on Schagen Lensen & van Krieken accountants.

Drukte bij werkplaatsen autobedrijven

Niet eerder brachten zoveel Nederlanders hun auto voor een onderhoudsbeurt naar de garage. In 2016 nam het aantal beurten met 1,5 miljoen toe ten opzichte van het jaar daarvoor. Dat is een stijging van 11 procent.

In totaal vonden 15,6 miljoen onderhoudsbeurten plaats, blijkt uit cijfers van RAI Vereniging en BOVAG. De brancheorganisaties spreken van een ‘noodzakelijke inhaalslag’ na de crisisjaren waarin veel minder aandacht was voor onderhoud.

Onderhoud in cijfers

  • Het Nederlandse wagenpark telde in 2016 ruim 8 miljoen auto’s
  • Het afgelopen jaar ging 90 procent van alle auto’s voor een check naar de garage
  • Op het dieptepunt van de crisis was dit nog geen 80 procent
  • De omzet voor onderhoud en reparatie steeg met 9 procent
  • Dat is op jaarbasis 3,8 miljard euro.

Daling van een miljard euro

“Deze stijging kunnen autobedrijven goed gebruiken”, zegt Bertho Eckhardt van BOVAG. “Autobedrijven hebben tussen 2010 en 2014 de totale omzet met meer dan een miljard euro zien dalen. In combinatie met de dalende autoverkopen hadden veel autobedrijven moeite om het hoofd boven water te houden.”

  • Autobedrijven halen 60 tot 70 van hun winst uit het onderhoud
  • Vorig jaar steeg de omzet met 9 procent naar 3,8 miljard euro
  • Per auto werd vorig jaar gemiddeld 529 euro uitgeven, een stijging van 4 euro
  • Een werkplaatsbezoek kostte gemiddeld 246 euro, in 2015 was dit 3 euro meer
  • Autobezitters van voertuigen van 7 tot 10 jaar oud waren vorig jaar met 629 euro gemiddeld het duurste uit.

Verkeersveiligheid

Bertho Eckhardt, algemeen voorzitter van de BOVAG: “Automobilisten beknibbelen nu een stuk minder op onderhoud. En daarmee op hun eigen en andermans veiligheid. Die inhaalslag was in meerdere opzichten ook wel echt nodig: in 2011 werd aan ruim 1 op de 5 auto’s geen onderhoud gepleegd. Deze reden wel op de weg en dat was geen prettig idee.”

RAI Vereniging voorzitter Steven van Eijck wijst ook op de verkeersveiligheid: “Goed onderhoud is essentieel voor een auto en daar moet je als eigenaar niet mee wachten. Niet alleen om pech langs de weg te voorkomen, maar vooral ook voor de verkeersveiligheid. En om ervoor te zorgen dat deze aan de milieueisen blijft voldoen.”

The post Drukte bij werkplaatsen autobedrijven appeared first on Schagen Lensen & van Krieken accountants.

Drukte bij werkplaatsen autobedrijven

Niet eerder brachten zoveel Nederlanders hun auto voor een onderhoudsbeurt naar de garage. In 2016 nam het aantal beurten met 1,5 miljoen toe ten opzichte van het jaar daarvoor. Dat is een stijging van 11 procent.

In totaal vonden 15,6 miljoen onderhoudsbeurten plaats, blijkt uit cijfers van RAI Vereniging en BOVAG. De brancheorganisaties spreken van een ‘noodzakelijke inhaalslag’ na de crisisjaren waarin veel minder aandacht was voor onderhoud.

Onderhoud in cijfers

  • Het Nederlandse wagenpark telde in 2016 ruim 8 miljoen auto’s
  • Het afgelopen jaar ging 90 procent van alle auto’s voor een check naar de garage
  • Op het dieptepunt van de crisis was dit nog geen 80 procent
  • De omzet voor onderhoud en reparatie steeg met 9 procent
  • Dat is op jaarbasis 3,8 miljard euro.

Daling van een miljard euro

“Deze stijging kunnen autobedrijven goed gebruiken”, zegt Bertho Eckhardt van BOVAG. “Autobedrijven hebben tussen 2010 en 2014 de totale omzet met meer dan een miljard euro zien dalen. In combinatie met de dalende autoverkopen hadden veel autobedrijven moeite om het hoofd boven water te houden.”

  • Autobedrijven halen 60 tot 70 van hun winst uit het onderhoud
  • Vorig jaar steeg de omzet met 9 procent naar 3,8 miljard euro
  • Per auto werd vorig jaar gemiddeld 529 euro uitgeven, een stijging van 4 euro
  • Een werkplaatsbezoek kostte gemiddeld 246 euro, in 2015 was dit 3 euro meer
  • Autobezitters van voertuigen van 7 tot 10 jaar oud waren vorig jaar met 629 euro gemiddeld het duurste uit.

Verkeersveiligheid

Bertho Eckhardt, algemeen voorzitter van de BOVAG: “Automobilisten beknibbelen nu een stuk minder op onderhoud. En daarmee op hun eigen en andermans veiligheid. Die inhaalslag was in meerdere opzichten ook wel echt nodig: in 2011 werd aan ruim 1 op de 5 auto’s geen onderhoud gepleegd. Deze reden wel op de weg en dat was geen prettig idee.”

RAI Vereniging voorzitter Steven van Eijck wijst ook op de verkeersveiligheid: “Goed onderhoud is essentieel voor een auto en daar moet je als eigenaar niet mee wachten. Niet alleen om pech langs de weg te voorkomen, maar vooral ook voor de verkeersveiligheid. En om ervoor te zorgen dat deze aan de milieueisen blijft voldoen.”

The post Drukte bij werkplaatsen autobedrijven appeared first on Schagen Lensen & van Krieken accountants.

Imagoverbetering oplossing personeelstekort horeca?

De horeca mag weer meer klanten begroeten, maar de branche heeft moeite om daar voldoende goed geschoold personeel tegenover te stellen. Dat ligt deels aan het imago, zo blijkt uit de SRA-brancherapportage voor de Horeca, die binnenkort verschijnt.

In de lift

De horeca profiteert van het gunstige economische plaatje: de koopkracht neemt toe, consumenten hebben weer meer vertrouwen en geven meer geld uit. Daarmee nemen de omzet en volumes in de branche toe en zit ook de werkgelegenheid in de lift.

Vacatures

Veel horecaondernemers krijgen hun vacatures echter moeilijk ingevuld; vooral vakkundig personeel is erg lastig te vinden. In de meest recente mkb-branchescan van SRA noemen ondernemers dit zelfs een van de grootste bedreigingen voor dit jaar. Het personeelsprobleem heeft volgens branche-experts vooral te maken met het slechte imago van de horeca. Lange werkdagen, relatief lage salarissen, weinig doorstroommogelijkheden en scholing, weinig aanzien; voor veel potentiële èn bestaande werknemers reden om voor een loopbaan in een andere sector te kiezen. En nu de economie aantrekt en er ook in andere branches meer banen bij komen, trekt de horeca nog vaker aan het kortste eind.

Investeer in vakkundig personeel

De branche zal op de arbeidsmarkt dus veel beter voor de dag moeten komen. Dit begint al bij de perceptie van de horecaondernemer zelf. Veel ondernemers denken bij het personeelsvraagstuk uitsluitend aan hun budget. Ze huren bovengemiddeld veel jonge en onervaren krachten in om de kosten te drukken, maar zien daarbij over het hoofd dat gastvrije en betrokken medewerkers voor extra omzet en tevreden klanten zorgen. Investeren in vakkundig personeel verdient zich direct terug. Voor de horeca is het hoog tijd om die omslag in het denken te maken.

The post Imagoverbetering oplossing personeelstekort horeca? appeared first on Schagen Lensen & van Krieken accountants.

Taxatieverslag verplicht voor waardebepaling WOZ

Bij de waardebepaling inzake de WOZ, is de gemeente verplicht een taxatieverslag mee te sturen. U heeft namelijk recht op een gemotiveerde waardevaststelling. Heeft u geen taxatieverslag ontvangen, dan kunt u mogelijk met succes in bezwaar.

Aanslag ozb

Gemeentes stellen ieder jaar opnieuw de WOZ-waarde van uw pand vast. Op basis hiervan ontvangt u onder andere een aanslag onroerendezaakbelasting (ozb). Bij het vaststellen van de waarde is de gemeente verplicht een taxatieverslag mee te sturen.

Tip: Via een vergelijking met soortgelijke panden kunt u nagaan of de waarde van uw pand niet te hoog is vastgesteld.

Taxatieverslag moet worden opgestuurd

Gemeentes gaan soms te makkelijk om met hun verplichtingen. Zo kwam onlangs een zaak voor de rechter waarbij de gemeente geen taxatieverslag had meegestuurd. In plaats daarvan kon de betreffende belastingplichtige met behulp van zijn DigiD inloggen op de site van de gemeente en hier het verslag inzien. De rechter besliste dat de vaststelling van de waarde dan onvoldoende gemotiveerd is. De gemeente had het taxatieverslag moeten opsturen. De gemeente werd daarom opgedragen de WOZ-waarde alsnog te onderbouwen.

In een andere zaak had de gemeente Amsterdam vanwege de vele WOZ-bezwaren met knippen en plakken van een standaardtekst het er zich volgens de rechter te makkelijk vanaf gemaakt.

U heeft dus recht op een gemotiveerde waardevaststelling.

Voor vragen omtrent de waardevaststelling en onderbouwing ervan inzake uw pand, kunt u bij ons terecht.

The post Taxatieverslag verplicht voor waardebepaling WOZ appeared first on Schagen Lensen & van Krieken accountants.

Taxatieverslag verplicht voor waardebepaling WOZ

Bij de waardebepaling inzake de WOZ, is de gemeente verplicht een taxatieverslag mee te sturen. U heeft namelijk recht op een gemotiveerde waardevaststelling. Heeft u geen taxatieverslag ontvangen, dan kunt u mogelijk met succes in bezwaar.

Aanslag ozb

Gemeentes stellen ieder jaar opnieuw de WOZ-waarde van uw pand vast. Op basis hiervan ontvangt u onder andere een aanslag onroerendezaakbelasting (ozb). Bij het vaststellen van de waarde is de gemeente verplicht een taxatieverslag mee te sturen.

Tip: Via een vergelijking met soortgelijke panden kunt u nagaan of de waarde van uw pand niet te hoog is vastgesteld.

Taxatieverslag moet worden opgestuurd

Gemeentes gaan soms te makkelijk om met hun verplichtingen. Zo kwam onlangs een zaak voor de rechter waarbij de gemeente geen taxatieverslag had meegestuurd. In plaats daarvan kon de betreffende belastingplichtige met behulp van zijn DigiD inloggen op de site van de gemeente en hier het verslag inzien. De rechter besliste dat de vaststelling van de waarde dan onvoldoende gemotiveerd is. De gemeente had het taxatieverslag moeten opsturen. De gemeente werd daarom opgedragen de WOZ-waarde alsnog te onderbouwen.

In een andere zaak had de gemeente Amsterdam vanwege de vele WOZ-bezwaren met knippen en plakken van een standaardtekst het er zich volgens de rechter te makkelijk vanaf gemaakt.

U heeft dus recht op een gemotiveerde waardevaststelling.

Voor vragen omtrent de waardevaststelling en onderbouwing ervan inzake uw pand, kunt u bij ons terecht.

The post Taxatieverslag verplicht voor waardebepaling WOZ appeared first on Schagen Lensen & van Krieken accountants.

Altijd de gemeenteheffing betalen?

Als uw gemeente een belasting willen invoeren, is hiervoor een verordening nodig. Die moet aan diverse eisen voldoen, waaronder een publicatieplicht. Voldoet uw gemeente hier niet aan, dan kunt u met succes onder de heffing uit.

Een gemeentelijke verordening moet aan allerlei eisen voldoen. De verordening moet bepalen wie de belastingplichtige is, wat het voorwerp van de belasting is, het belastbare feit, de heffingsmaatstaf, het tarief, het tijdstip van ingang en van beëindiging van de heffing en alles wat verder nog meer voor de heffing en de invordering van de belasting van belang is.

Publiceren

Vervolgens moet de verordening gepubliceerd worden. Ook hieraan zijn de nodige eisen gesteld.

Let op! Publiceren mag tegenwoordig op elektronische wijze, dus bijvoorbeeld via de site van de gemeente.

De website moet dan wel algemeen toegankelijk zijn, dus bijvoorbeeld niet pas na invoering van een betaald password. De verordening moet op de site ook toegankelijk blijven. Alleen als elektronisch bekend maken niet mogelijk is, mag de gemeente kiezen voor een andere wijze, bijvoorbeeld via het gemeenteblad.

Tarieventabel

De tarieven van een bepaalde heffing, zoals leges, worden vaak vastgesteld op basis van een tarieventabel. Dit is een onderdeel van de verordening en ook hiervoor gelden dus genoemde, formele eisen. Dus ook als slechts de tarieven van een verordening gewijzigd worden en de rest van de verordening in stand blijft.

Let op! Bijlagen bij een verordening kunnen soms erg omvangrijk zijn. Daarom is bepaald dat de bijlagen ook ter inzage gelegd mogen worden.

Als u de bijlagen wilt inzien, mag de gemeente hiervoor geen kosten berekenen.

Tip: Een verordening die niet aan de eisen inzake de publicatieplicht voldoet, is onverbindend. Een aanslag die hierop gebaseerd is, hoeft u dan niet te betalen.

The post Altijd de gemeenteheffing betalen? appeared first on Schagen Lensen & van Krieken accountants.

Altijd de gemeenteheffing betalen?

Als uw gemeente een belasting willen invoeren, is hiervoor een verordening nodig. Die moet aan diverse eisen voldoen, waaronder een publicatieplicht. Voldoet uw gemeente hier niet aan, dan kunt u met succes onder de heffing uit.

Een gemeentelijke verordening moet aan allerlei eisen voldoen. De verordening moet bepalen wie de belastingplichtige is, wat het voorwerp van de belasting is, het belastbare feit, de heffingsmaatstaf, het tarief, het tijdstip van ingang en van beëindiging van de heffing en alles wat verder nog meer voor de heffing en de invordering van de belasting van belang is.

Publiceren

Vervolgens moet de verordening gepubliceerd worden. Ook hieraan zijn de nodige eisen gesteld.

Let op! Publiceren mag tegenwoordig op elektronische wijze, dus bijvoorbeeld via de site van de gemeente.

De website moet dan wel algemeen toegankelijk zijn, dus bijvoorbeeld niet pas na invoering van een betaald password. De verordening moet op de site ook toegankelijk blijven. Alleen als elektronisch bekend maken niet mogelijk is, mag de gemeente kiezen voor een andere wijze, bijvoorbeeld via het gemeenteblad.

Tarieventabel

De tarieven van een bepaalde heffing, zoals leges, worden vaak vastgesteld op basis van een tarieventabel. Dit is een onderdeel van de verordening en ook hiervoor gelden dus genoemde, formele eisen. Dus ook als slechts de tarieven van een verordening gewijzigd worden en de rest van de verordening in stand blijft.

Let op! Bijlagen bij een verordening kunnen soms erg omvangrijk zijn. Daarom is bepaald dat de bijlagen ook ter inzage gelegd mogen worden.

Als u de bijlagen wilt inzien, mag de gemeente hiervoor geen kosten berekenen.

Tip: Een verordening die niet aan de eisen inzake de publicatieplicht voldoet, is onverbindend. Een aanslag die hierop gebaseerd is, hoeft u dan niet te betalen.

The post Altijd de gemeenteheffing betalen? appeared first on Schagen Lensen & van Krieken accountants.

Volwassenminimumloon per 1 juli vanaf 22 jaar

Het wettelijk bruto minimumloon voor werknemers van 22 jaar en ouder bij een volledig dienstverband wordt per 1 juli 2017 als volgt:

  • € 1.565,40 per maand (januari 2017: € 1.551,60)
  • € 361,25 per week (januari 2017: € 358,05)
  • € 72,25 per dag  (januari 2017: € 71,61)

Ook de minimumjeugdlonen voor 15 t/m 21-jarige werknemers gaan weer iets omhoog. Voor jongeren van 18 tot en met 21 jaar is de stijging meer dan de gebruikelijke halfjaarlijkse verhoging. Zo stijgt het loon van een 21-jarige van € 1.124,90 (januari 2017) naar € 1.330,60 per 1 juli 2017.

Let op! Voor werknemers van 18 tot en met 20 jaar die in dienst zijn in het kader van een beroepsbegeleidende leerweg (BBL) gelden alternatieve staffels.

The post Volwassenminimumloon per 1 juli vanaf 22 jaar appeared first on Schagen Lensen & van Krieken accountants.

Boete bij slordige rittenadministratie?

Wilt u geen bijtelling voor uw auto van de zaak, dan moet u aantonen dat u de auto niet meer dan 500 km privé per jaar rijdt. Heeft u een slordige rittenadministratie met fouten, dan kunt u wel een naheffing verwachten maar niet automatisch een boete. U krijgt pas een boete als er opzet of grove schuld aanwezig is.

Bijtelling ter discussie

De bijtelling voor de auto van de zaak staat regelmatig voor de rechter ter discussie. De fiscus treedt hard op tegen belastingplichtigen die rommelen met hun rittenregistratie om aan de bijtelling te ontkomen. Forse boetes zijn eerder regel dan uitzondering.

Rammelende rittenstaat

Onlangs kwam een zaak voor de rechter waarbij de rittenstaat slordig was bijgehouden en allerlei fouten bevatte. Zo was de auto enkele keren geflitst voor een snelheidsovertreding terwijl de auto volgens de rittenstaat daar niet had gereden. De bv van de dga waaraan de auto ter beschikking was gesteld, kreeg een forse naheffing plus boete. De naheffing bleef voor de rechter in stand, maar de boete niet.

Opzet of grove schuld

Voor een boete is pas plaats als er opzet of grove schuld aanwezig is. De rittenstaat was weliswaar slordig, maar dit bewees nog niet dat er sprake was van opzet of grove schuld. De inspecteur kon dit niet hard maken.

De rechter nam in zijn oordeel ook mee dat een rittenstaat niet wettelijk verplicht is om de bijtelling te ontgaan. Zonder rittenstaat is dit weliswaar bijna onmogelijk, maar dat deed niet te zake. De rechter overwoog dat het zelfs mogelijk was geweest dat de dga, ondanks de fouten in de rittenstaat, toch minder dan 500 km privé had gereden. Daarom was er voor een boete geen plaats.

Let op! Sjoemelen met een rittenstaat levert uiteraard wel een boete op. Dit is echter iets anders dan fouten ten gevolge van slordigheid. Dat moet de inspecteur uw schuld zien te bewijzen.

Heeft u vragen over de rittenadministratie van uw auto van de zaak, neem dan contact met ons op.

The post Boete bij slordige rittenadministratie? appeared first on Schagen Lensen & van Krieken accountants.